Spanje - Portugal

Mei - Juni 2007

 

 

 

Woensdag 23 mei 2007 :

We vertrekken om 15 uur, met gietende regen. Omstreeks 19 uur stoppen we, even voor Parijs, om te eten. We hebben 320 km. afgelegd. Om 22 uur stoppen we op de Aire de Bou, nabij Nogent le Rotrou, na 491 km om te slapen.

Donderdag 24 mei 2007 :
Er was veel lawaai, die dekselse stroomgroepen. We vertrekken om 8.15 uur  en komen ’s avonds tegen 17.15 uur aan op de camperplaats Milady te Biarritz. Deze camperplaats ligt aan de avenue de Milady vlakbij de stranden. Er zijn 50 plaatsen voorzien van water en elektriciteit. Het regent en hagelt de ganse avond, schoon begin!

Het groene Spanje

Deze regio in Noord-Spanje bestaat uit :
  1. Baskenland,   Euskadi
  2. Cantabrië
  3. Asturië
  4. Galicië

Vrijdag 25 mei 2007 :
Mooi weer vanmorgen, we vertrekken om 8.15 uur richting Bilbao

1. Baskenland, Euskadi :
Van San Sebastian naar Zarautz; De Cornisa Cantabrica ( de Cantabrische kustweg)  is een prachtig stuk tussen Zarautz, Guetaria en Zumaia over de N 634. De zigzagweg met mooi uitzicht volgt de kust. Vanaf Zumaia gaat de rit verder over de C 6212 met prachtig uitzicht tot aan Lekeitio en over Gernika/Lumo bereiken we Bilbao, de hoofdstad van de Baskische provincie Biskaje


We vinden gemakkelijk een parkeerplaats in de nabijheid van het Guggenheimmuseum. Dit museum herbergt een belangrijke collectie Europese en Amerikaanse 20ste eeuwse kunst met werk van Matisse, Modigliani, Picasso, Dali en Miro. Het is een prachtig gebouw, futuristisch met voor de ingang een huizenhoge puppy helemaal beplant met bloemen, ontroerend mooi.
Een fijne combinatie, enerzijds het hypermoderne gebouw gans in staal en anderzijds de romantische bloemenpuppy.
De politie was zo vriendelijk ons te zeggen dat ze controle deden omdat er veel ingebroken werd in de auto’s. Flink hoor !!

2. Cantabrië :
In de namiddag rijden we verder via Santander en  houden halt in Santillana del Mar. Het is een zeer mooi stadje met pittoreske huisjes en zeer gezellig om te wandelen. Familiewapens op vele gevels herinneren aan zeelieden die lang geleden op ontdekkingsreis vertrokken. Naast het touristisch bureau is er een parking, zeer rustig onder de bomen en toch dicht bij het centrum. Er is veel volk op de been, het is vrijdagavond en iedereen is mooi uitgedost alsof ze naar een trouwfeest gaan.

3. Asturië :

Zaterdag  26 mei 2007 :

We rijden door de Sierra de Cuera  en genieten van het prachtig uitzicht tijdens de zogeheten Caresroute  tussen Panes  en Cangas de Onis, het begin van de Pico de Europa, tot Gyon.
In Aulès doen we inkopen in de Carrefour. Na vele pogingen om in de kleine stadjes langs de kust een plaats  te vinden o.a. in Salines, vinden we een plaats in de vissershaven van Cudellero, maar we besluiten Cabo Vidio op te zoeken, wat ons niet lukt. We zoeken verder via Luanva, Puerto de Vega, Tapia de Casarrego en belanden in Ribadero waar we een goede overnachtingsplaats vinden in de vissershaven. De ganse nacht zijn er hevige rukwinden.

4.Galicië :
Zondag 27 mei 2007 :

We vertrekken vroeg richting Foz en rijden  tot La Coruna waar we een goede parkeerplaats vinden in de haven aan het Castillo de San Anton. We bezoeken de oude stad met zeer mooie gebouwen. Het is kiezing vandaag en daarom is ook het mooie gemeentehuis open.

Maandag 28 mei 2007 :
Om 9 uur zijn we al weg naar Cabo Fisterra  - het einde van de wereld – waar de vuurtoren boven op een in zee uitstekende rots staat. Dit is het westelijkste punt van Spanje en vroeger de rand van de bekende wereld. Het is prachtig weer en we genieten van de mooie vergezichten, het zonnetje en de geur van de vele mooie rotsplanten. In de late namiddag rijden we op de AC 550 via Muros en Noja tot Ribeira Sta Uxia waar we in de haven op een grote parking een plaats vinden om te overnachten.

Dinsdag 29 mei 2007 :

Vandaag staat Santiago de Compostela op het programma, het beroemdste pelgrimsoord van Spanje. Volgens de legende werd het lichaam van Jakobus in 813 gevonden op de plaats van de kathedraal door de bisschop van Iria Flavia, die door een ster werd geleid.Compostela is afgeleid van Campus Stellae, het veld van de sterren.
Jakobus werd de patroon van Spanje en tegen het midden van de 10de eeuw trokken horden pelgrims vanuit heel Europa naar zijn schrijn. De route die ze namen staat bekend als de  Camino de Santiago en is te herkennen aan de Jakobsschelp. Nog steeds kom je onderweg pelgrims tegen die op weg zijn naar Santiago en op het grote plein voor de kathedraal zie je ontroerende taferelen. Het was vanmorgen regenachtig, maar tijdens onze wandeling door de stad blijft het droog.
Rond drie uur zijn we terug in de MoHo en na enkele minuten stroomt het van regenen. We rijden richting Pontevedra naar Cangas, waar we een beetje verder in Aldan in de mosselhaven een goed plaatsje vinden om te overnachten. Zeer mooi uitzicht over de baai en bovendien gratis water. Hopelijk een rustige nacht. Morgen gaan we via Vigo de grens over in Valenca do Minho en zijn we in Portugal. Hopelijk wordt het weer wat beter, want deze eerste week heeft meer regen dan zonnige dagen gebracht.

Noord-Portugal :


Het noorden is de wieg van Portugal. In Guimaraes erfde de eerste koning van Portugal, Alfonso Henriques, de provincie Portucale, en vergrootte zijn land zuidwaarts met de herovering op de Moren. Ook uit het noorden kwam de laatst en langst regerende dynastie voort, de hertogen van het huis van Bragança, die in 1640 op de troon kwamen en er bleven tot het uitroepen van de republiek in 1910.

 

Woensdag 30 mei 2007 :

Het werd geen rustige nacht en de regen viel met bakken uit de hemel. Bovendien stond er een helse wind. Om 10 uur vertrekken we in Aldan, richting Vigo en verder Portugal. Rond 12 uur rijden we de grens over en het wordt meteen 11 uur, want in Portugal volgt men Greenwich time en is het 1 uur vroeger. We gaan richting Braga om Bom Jesus do Monte te bezoeken. Echt wel de moeite, Een zeer groene omgeving, vele trappen maar echt zeer speciaal. En, sinds we in Portugal zijn is het weer veel beter.
Van Braga rijden we in de late namiddag naar Barcelos, waar we een plaats vinden aan de rand van het park in het centrum. Morgen zal het hier druk zijn want dan is het markt. Volgens de info, de grootste van Portugal, we zullen zien.

Donderdag 31 mei 2007 :

Amaai, wat een markt, en alles spotgoedkoop. Grote gerookte hammen, fruit, groenten, alles zeer goedkoop en van zeer goede kwaliteit. Een ongelooflijk grote markt en een drukte van jewelste. Kleding en schoenen, alles aan ongelooflijk lage prijzen.
Rond 3 uur kunnen we van de parking en we rijden tot in de vissershaven van Porto. Daar vinden we een rustig plaatsje aan de waterkant om te overnachten.
Morgen rijden we naar de Orbiturcamping aan de Praia da Madalena. Van daaruit gaan we met de bus naar Porto.

Vrijdag 1 juni 2007 :

Om 10 uur vertrekken we naar de camping. Ons madame van de GPS heeft ons door héél smalle straatjes gestuurd, véél te smal, maar na enig milimeterwerk en de hulp van de bewoners, er toch doorgeraakt. Op weg naar de camping vele werken op de baan die de weg erg bemoeilijken. Eindelijk om 11 uur er toch geraakt, een goed plaatsje gekregen en daarna vertrokken om met bus 906 de stad in te gaan. Het wordt een hele onderneming. De bus moet ook door onmogelijk smalle straatjes, waar dan soms nog auto’s fout geparkeerd staan. Door de werken moeten we overstappen op een andere bus maar na een klein uurtje zijn we in Porto.
We gaan  eerst naar de wijk Ribera aan het water, met de mooie terrasjes. We eten er wat. Eerst wat pesticos ( de Portugese versie van de Spaanse tapas) met olijven en lekker gemarineerde stukjes inktvis, daarna vers gegrilde sardines met een slaatje en een frisse vino verde, een licht mouserende jonge wijn, gevolgd door een cimbalino (een sterk koffietje).
Dan zijn we klaar om de stad te verkennen en klimmen naar de Sé, de kathedraal. Onderweg ontdekken we het monument van Hendrik de Zeevaarder op de Braça do Infante, het Palacio da Bolsa, het beursgebouw, de Baixa met de overdekte markt Bolhâo, het stadhuis en dan de kathedraal. Ze ligt op een uitstekende rotspunt boven de Douro( de rivier die door Porto loopt ).
Het is een romaanse vestingkerk uit de 12de eeuw, maar werd in gotische stijl verbouwd. De 14de eeuwse kloostergangen zijn getooid met azulejo’s met taferelen uit het leven van de heilige maagd. Vanaf het terras van de kathedraal heb je een prachtig uitzicht over de daken van de stad en de Douro. Het gebied tussen de kathedraal  en de waterkant werd in 1996 door Unesco tot werelderfgoed benoemd. We wandelen door de oude wijk, de Bairro da Sé naar beneden, terug naar de Ribeira, de visserswijk en de meest sfeervolle wijk van Porto. We doen een terrasje en Fons heeft grote dorst en drinkt een pint , un largo (1 liter).

Daarna wandelen we naar de  Ponte Dom Luis I. Deze uit 2 lagen bestaande ijzeren brug is in 1886 ontworpen door een leerling van Gustave Eiffel. Deze brug verbindt Porto met Vila Nova de Gaia.
De eerste verdieping komt direct uit op de rivier en het bovenste loopvlak biedt een opwindende belevenis en mooie vergezichten. We nemen de kabelbaan om op de bovenste verdieping te geraken en wandelen over de brug naar de overzijde. We krijgen een andere kijk op Porto, en komen in Vila Nova de Gaia terecht, de thuishaven van de portwijnhandel. Hier staan de namen van de beroemde portschippers, Sandeman, Ferreira, Cruz en Tailor, in grote neonletters op de heuvel. Hier rijpen de vaten port in koele kelders en pakhuizen, waarvan je er vele kan bezoeken voor proeverijen en rondleidingen.

 

Vele porthuizen hebben nog met vaten beladen barcos rabelos (boten) aan de waterkant liggen, die eens per jaar, tijdens de jaarlijkse regatta op 24 juni uitvaren. We nemen opnieuw de bus 906 en met dezelfde hindernissen als bij het vertrek komen we op de camping aan. Het was een fijne, vermoeiende, zonnige dag.

Zaterdag 2 juni 2007 :

Vanmorgen via de telefoon, Serge een gelukkige verjaardag toegezongen. Onze buurman, een Duitser heeft blijkbaar grote pech gehad. Hij heeft een Hymer integraal en de grote voorruit zit helemaal los. Boven de ruit zit een diepe deuk, dus blijkbaar ergens tegen gereden. Aan de ene kant is er zelfs een grote opening omdat de ruit verzakt is. De man heeft alles zo goed en zo kwaad mogelijk vastgeplakt met tape en nu maar afwachten.
Het is weer een stralende dag en na een beetje schoonmaak vertrekken we naar Aveiro, gelegen aan de zuidelijke rand van een idyllisch merenlandschap de Ria de Aveiro en werd vooral beroemd door de originele zeilbootjes van de algenvissers, de moliceiros. De vissers werpen hun haken uit en trekken met een krachtige ruk de algen boven. Deze worden gebruikt voor bemesting en voor toepassingen in de cosmetica.

Aan de rand van de lagune liggen de wit glinsterende zoutvelden en piramides van zeezout. Vanaf het strandmeer lopen verschillende kanalen als armen van een inktvis tot Aveiro. Het canal da  Cidade in de oude stad , met boottochten naar de lagunes, met een gezellige dijk. Wordt wel eens vergeleken met Venetië, vanwege de kanalen, maar dat vind ik een beetje overdreven. In de vishal kopen we veel e verse vis. We weten weeral wat eten !
Op de dijk trakteren we ons op een krokante hete churros, die gewenteld wordt in suiker, vermengd met kruiden en peper, lekker !
We rijden verder tot Figueira da Foz, daar op een strandparking staan al verschillende MoHo’s. We zoeken een goed plaatsje en zullen hier de weekend blijven. Gezellig stadje en er is vandaag een grote antiekmarkt op het plein onder de bomen. Het was weer een warme zonnige dag.

Zondag 3 juni 2007 :

Het is mistig. Fons haalt pistolets, spotgoedkoop, 10 pistolets voor 0.90 €. Onvoorstelbaar ! Na de middag doen we een wandeling over de dijk van Figueira. Een dijk van ongeveer 4 km lang van zuid naar noord met een mooi aangelegde bijna echte oase. Wij staan op de zuidelijke parking aan de jachthaven en klein strand. Zeer rustig maar toch vlakbij de mercado en winkelstraatjes. De noordelijke parking is een gewone parking langs de straat, maar wel vlakbij een groot strand, en heel druk. Op onze parking staan in de weekend ook  de portugezen.

Midden-Portugal


Strekt zich uit van Lissabon tot bijna aan Porto en van de Spaanse grens naar de kust van de Atlantische oceaan. Maar buiten de charmante universiteitsstad Coimbra en de fascinerende bedevaartplaats Fatima heeft het weinig bezoekers en is het buiten Portugal weinig bekend.

Maandag 4 juni 2007 :

Om 8 uur vertrekken we naar Coimbra. Aan de Ponte de Santa Clara (de overkant) is een grote parking, maar die staat reeds helemaal vol. We vinden toch een plaats helemaal achteraan aan de sportvelden van de Unief. Een vriendelijke mevrouw zei dat we daar mochten staan. Een goede rustige plaats ! Te voet naar boven ! Een serieuse klim, maar de moeite waard.  Portugals oudste universiteit staat op de top van de Alcaçova-heuvel  boven de rivier de Mondego.
We komen aan in de Patio das Escolas, een vierhoek met gebouwen aan drie kanten en een terras dat uitkijkt op de Mondego. Dit is het hart van de oude universiteit.
De meeste gebouwen kan je zo bezoeken  maar je hebt een kaartje nodig om de Bibliotheca Janina(de bibliotheek) en de Sala dos Capelos ( ceremoniehal) te bezoeken en je krijgt een bepaald uur waarop je binnen mag. Voor ons is dat 11 uur en we beginnen met de barokke bibliotheek, indrukwekkend, uitgevoerd  in verguld hout en gelakt in groen, rood en goud. De sala dos Capelos, waar inhuldigingen en promotie plaatsvinden, bezet de grootste hal van het manuelijnse paleis, met een cassettenplafond en portretten van Portugese monarchen.
Een wandelgang met uitzichten op de daken van Coimbra leidt naar de examenhal met een beschilderd plafond, betegelde muren en portretten van voormalige rectoren. Spijtig genoeg staan er verwittigingen dat je geen foto’s mag nemen, maar die begrijp ik niet zo goed !!!
Een schoon voorbeeld van barok en romaanse stijl.
Aan de oostkant van het plein staat het Porta Férrea (de ijzeren poort) gebouwd in 1634, deze poort leidt naar de moderne universiteitsgebouwen,  voor de faculteiten medicijnen, wetenschap en technologie die dateren uit de jaren 1960 toen de dictator Antonio Salazar- die vroeger professor in de economie in Coimbra was- de manuelijnse en renaissancegebouwen verwoestte in naam van de modernisatie!
Vanop het terras prachtig uitzicht over de stad.  We gaan langs de trappen terug naar beneden en komen langs het Praça do Republica, met de studentencafé’s met als bekendste de Trovador waar ’s avonds de gekende studentenfado’s worden gezongen. Het is een gezellige stad die werkelijk bruist.

We rijden om 3 uur verder naar Fatima. Knappe camperplaatsen, kraakproper op de P. Sanctuario, met watervoorziening, toiletten en douches. We ontmoeten er de eerste Belgen die we op deze reis tegenkomen. Mensen van Mol met een MoHo, die van de Algarve  en Lissabon komen en richting huiswaarts rijden. Ze zijn van half april onderweg en gaan begin juli naar huis.

We bezoeken het heiligdom van Fatima, de Basiliek, en de openluchtkapel van Maria.  Het verhaal van de belevenissen van de drie herderskinderen in 1917 heeft miljoenen mensen ontroerd en de stad tot een van de grootste bedevaartplaatsen van de rooms-katholieke kerk gemaakt.

Het visioen :
 Op 13 mei 1917 verscheen Maria in een eikenboom aan de 10 jarige  Lucia en haar nichtje Jacinta en neefje Francisco, toen ze hun schapen hoedden in het dorpje Cova da Iria bij Fatima. De kinderen vertelden over een dame , stralender dan de zon, die hun vroeg 6 maanden lang om dezelfde tijd terug te komen. De kinderen keerden telkens terug en de visioenen gingen door. De laatste keer op 13 oktober zag een menigte van 70.000 mensen de zon als een bal van vuur dansen in de lucht en vele wonderen vonden plaats. Op dezelfde dag onthulde Maria aan Lucia  de “drie geheimen van Fatima “ waarvan men zegt dat zij de Tweede Wereldoorlog, evenals het Russische communisme en de moord op een paus voorspelde.
Jacintha en Francisco stierven in 1920 aan een longontsteking  en Lucia ging in 1928 in het karmelietenklooster in Coimbra waar ze in 2004 stierf. Jacintha en Francisco werden in de Basiliek begraven en in 1989 zalig verklaard door paus Johannnes Paulus II

Op het grote plein, kunnen een  miljoen mensen staan en het is twee keer zo groot als het St. Pietersplein in Rome. In de hoek van het plein staat de Capela das Apericöes  (kapel van de verschijningen) op de plaats van de oorspronkelijke visoenen  waar pelgrims bidden en kaarsen aansteken. Tussen 13 mei en 13 oktober komen er miljoenen mensen van wie sommigen de weg naar de basiliek op hun knieën afleggen, wat soms bloederige taferelen oplevert. We gaan ’s avonds  om 21.30 uur naar de processie kijken, die na de mis het ganse plein rond gaat . Met al die kaarslichtjes best wel indrukwekkend.

Dinsdag 5 juni 2007 :

Na de nodige werkjes, water indoen, toilet en een beetje schoonmaak vertrekken we naar Nazaré.
De eigenaardigheid in dit stadje is dat de vrouwen nog in klederdracht lopen en hun vis drogen op rekken op het strand. Een gezellige dijk maar het is zeer mistig zodat het geen zin heeft om de kabelbaan naar het panoramisch terras 110m hoog in Sitro te gaan voor een prachtig uitzicht. Wij rijden naar Peniche en even verder vinden we een plaats tussen de vissers op de rotsen. Voor het eten gaat Fons nog een beetje pootje baden. Morgen trekken we naar Lissabon.

Bij de Anjerrevolutie in 1974, staken de inwoners van Lissabon anjers in de geweerlopen van de soldaten en kwam een einde aan meer dan 40 jaar dictatoriaal bewind onder Antonio Salazar en bracht Portugal nader tot Europa. Intussen, bracht het einde van de koloniale oorlogen en de onafhankelijkheid van voormalige Afrikaanse koloniën, duizenden Angolezen, Kaapverdiërs en Mozambikanen naar Lissabon, waardoor een dynamische, multiculturele en tolerante stad ontstond.


Woensdag 6 juni 2007 :

Wij rijden vroeg door, via Lourinha, Ericeira, Mafra, Sintra, Cabo da Roca ,( het meest westelijke punt waar de golven vervaarlijk tegen de rotsen beuken), Cascais en Estoril komen we in Lissabon aan.

2 campings mogelijk:

  1. Monsanto 24 € , een bustocht van  ongeveer 1 uur naar het stadscentrum van Lissabon. De busstop is dicht bij de camping.
  2. Orbiturcamping aan de costa da Caparica, over de brug van 24 april, met ASCI  kaart 12€ . Bustocht van 30 min. Enig nadeel is dat je een eindje moet stappen naar de bushalte. Wij kiezen voor dit laatste.

Je kan afstappen in Alcantara en van daaruit de bus of de tram nemen. Of je kan tot de Praça de Espanha rijden en daar de metro nemen, de blauwe lijn naar Baixa ciudade. In het metrostation kan je een dagkaartje kopen (7colinas)  waarmee je bus en tram kan nemen zoveel je wil voor 3.85 €.


Donderdag 7 juni :

We vertrekken op tijd om de bus te nemen naar Lissabon. Dan nemen we de metro en stappen uit in het metrostation Baixa Ciudade en komen zo in de rua de Conçeicao en dan in de rua Augusta die uitgeeft op de Praça do Commercio. We verkennen de Baixa ( de benedenstad), Rossio, het mooie plein met fontein, bloemstalletjes en terrasjes en  het station met indrukwekkende neo-manuelijnse gevel. 

 

We gaan verder over de Praça dos Restauradores, met de Obelisk, en het Palacio Foz, een voormalige nachtclub en nu het toeristenbureau. Aangezien de Elevador da Gloria (kabelbaan) wordt gerestaureerd en  dus niet werkt, gaan   we terug naar de  rua  Augusta en nemen de Elevador de Santa Justa, een ijzeren lift ontworpen door een leerling van Gustave Eiffel geopend in 1902 die de Baixa  verbindt  met de Chiado. We lopen een eind richting Bairro Alto, met een doolhof van middeleeuwse straatjes tot aan de Largo Trinidade en zeer mooi pleintje en komen via de Chiado ( de moderne winkelstraten) terug in de Baixa terecht, waar we terug de metro nemen. Het was een fijne dag, moe maar voldaan keren we naar de camping terug.

Vrijdag 8 juni :

Vandaag gaan we Alfama verkennen, de oudste wijk van Lissabon maar ook de meest bekoorlijke. Het ligt op de heuvel tussen het Castelo de Sao Jorge en de rivier de Taag en het is een doolhof van straatjes en steegjes met trappen en geheime tuinen en het Moorse stratenplan heeft de aardbeving van 1755 grotendeels doorstaan. In de namiddag gaan we naar Belem. We stappen uit in metrostation Baixa Ciudade en
nemen aan de rua Antonio Maria Cardoso, tram 28 (oude tramstellen electrico)  voor een ritje door de Baixa en langs de kathedraal naar de Largo das Portas do Sol. We stappen uit tegenover het museu de Artes Decorativas. Vanaf de Miradouro (uitkijkpunt) hebben we mooie vergezichten over de daken van Alfama. We nemende trap naast de Santa Luzia-kerk en duiken Alfama in. We komen door keistenen straatjes, met was die te drogen hangt aan de balkonnetjes, met fonteinen, patio’s en
verscholen binnenhoven met sinaasappelbomen. We dalen verder naar de Largo de Sao Miguel, dan rechts en meteen weer rechts naar de Largo do Chafarin de Dentro, een plein tegenover de casa de Fado. We nemen de Rua de San Pedro waar de vrouwen ’s morgens sardienen verkopen in de deuropening. We lopen in de rua de Sao Joa de Praça en komen langs de sé (kathedraal) en volgen de tramsporen naar de rua da Conceiçao en komen via de rua Augusta terug aan de Praça do Comercio.
Nadat we een hapje gegeten hebben, springen we op tram 15 naar Belem om het glorieuse maritieme verleden van Portugal te bewonderen. We gaan naar Torre de Belem, zien het Museu da Marinha en het Mosterio dos Jéronimos, gebouwd ter ere van de roemrijke daden van de Portugese ontdekkingsreizigers, we zien tevens het Padrao dos Descobrimentos, het monument van de ontdekkingen, dat in 1960 werd gebouwd ter ere van de 500ste sterfdag van prins Hendrik de Zeevaarder, de architect van de ontdekkingen.
Tot slot gaan we bij de Antiga Confeitaria de Belem een koffietje drinken en proeven daarbij hun beruchte pasteis de nata, warm en kraakvers, heerlijk !!
We rijden terug naar de camping en onze 2 dagen Lissabon zitten erop.
We vertrekken nog deze avond richting Evora en willen morgen ook een kijkje nemen op de markt van Estremoz, die werd opgenomen in de toeristische gids en vermeld werd als één van de 3 markten in Portugal die je zeker moet zien.

Zaterdag 9 juni :

Guy verjaart, dus eerst even een smsje sturen om hem een gelukkige verjaardag te wensen. Dan naar de markt. We hadden ons deze omweg van 30 km. kunnen besparen, niets te zien, enkel groenten- en kaaskramen en dat was het dan. Er was ook een zogezegde antiekmarkt. Een markt zoals zovelen, helemaal de vermelding niet waard !
Verder naar Evora. De Romeinen bouwden hun ommuurde stad Ebora Cerealis, hoog op een heuvel boven de Alentejo-vlakte. Evora werd gesticht door de Romeinen, versterkt door de Moren en door Gerald de Onbevreesde heroverd voor Alfonso Henriques. Er is een tempel van Diana, nu Templo Romano genoemd, het convento dos Loios, een 15de eeuws klooster dat nu een Pousada is en waar je dineert in de kloostergangen en slaapt in monnikencellen. De Manuelijnse deur van de kapittelzaal en de Gotische kloostergangen zijn de moeite om te zien. De sé is vergelijkbaar met die van Coimbra. Maar het meest indrukwekkende bevindt zich naast de Igreja de Sao Francisco.
Rechts is een aparte ingang die leidt naar de kloostergang en de Capela dos Ossos ( kapel van de beenderen) waar muren en kolommen volledig bedekt zijn met schedels, dijbenen, scheenbenen en andere botten van 5000 monniken.
Grijnzende schedels staren van het plafond naar beneden en aan de muur hangt een griezelig lijk. Boven de ingang staat de inscriptie : Nos Ossos, que aqui estamos, Pelos vossos esperamos ( Wij beenderen die hier zijn, wachten op uw beenderen).
Op de Praça de Giraldo, herademen we en spoelen de lugubere beelden weg met een frisse pint. We rijden via de N 380, N 257 Alcaçovas, N5 Sao Romao do Sado, tot Grandola en verder tot costa de sto André aan het strand. Hier overnachten we.

Zondag 10 juni :

Vandaag zouden we moeten gaan kiezen. Maar dit kan nu niet !!
We rijden via Sines, Cercal, Odemira, Sao Teolonio, Aljezur tot Sagres.
We gaan naar Cabo de Sao Vicente, indrukwekkend en naar de Forterezza de Sagres. Omdat er hier feestelijkheden zijn, kunnen we hier niet blijven staan en besluiten we verder te rijden tot Salema. Een leuk plaatsje met een goede plaats om te overnachten en een lang breed strand.

Maandag 11 juni :

’s morgens rijden we door en volgen de kustweg, die stijgend is en een gewone zandweg en komen uit op een mooi strandje, zonder voorzieningen, geen bar, geen huis, niets ! Het heet Boca do Rio ( Mond van de rivier). Er staan 2 MoHo’s en enkele auto’s. We besluiten er de rest van de dag te blijven. We ontmoeten er een Engels koppel dat in Praya da Luz verblijft en zij hebben een MoHo besteld die ze tegen januari 2008 zouden hebben. Ze zoeken nu alle mooie plaatsjes op om volgend jaar te gaan staan.
We vertrekken in de late namiddag en rijden tot Praya da Luz, maar vinden er geen goede overnachtingsplaats. We rijden verder tot Lagos en overnachten in de nabijheid van de jachthaven.

Dinsdag 12 juni :

Bij het ontwaken vinden we een folder tussen de ruitenwissers van een camperplaats in de Sierra de Monchique. Aangezien we toch naar Monchique en Calda de Monchique willen, besluiten we op de terugweg een kijkje te nemen.
Maar eerst willen we de kenmerkende rotsformaties en zandrotsen van Ponta da Piedade ( de brug van de vroomheid) verkennen. Het is een bekende mooie plek waar de rode rotsen door de zee en de wind gebeeldhouwd zijn tot een reeks spectaculaire rotsblokken, bogen, gaten en grotten. De vissers bieden boottochtjes aan in de spelonken en tussen de vele rotspartijen, vanaf de kleine steiger aan de voet van de rotsen. Wij vinden het indrukwekkend.
We rijden naar de sierra de Monchique en bezoeken Monchique waar we naar de ruïnes van de oude abdij klimmen, mooie klim, met prachtig uitzicht. De ruïnes zelf, daar is niet veel van over. Daarna rijden we naar Calda de Monchique en zoeken de
camperplaats. Prachtig, gewoon prachtig, is de ligging van deze camperplaats. Met alle nutsvoorzieningen. Bij elke camperplaats, die mooi afgebakend is, water, elektriciteit en afvoer voor vuil water. Zeer mooie en propere douches en WC’s een wasplaats met machines en in een grasveld, drooglijnen. De eigenaar,die vlot Frans en Engels spreekt heeft werkelijk aan alles gedacht. De prijs, 12 € per nacht en rustig, we besluiten er een dag te blijven en het worden er twee. We ontmoeten er onze tweede Belgen sinds onze reis.
Michel en Nancy, een sympathiek koppel uit Hasselt die hier al 5 weken staan. Ze zijn al van april onderweg met de MoHo en twee Chihuahuakes, Fieke en Iki. Ze zullen maar tegen eind juli naar huis gaan, de gelukzakken. De kleine Iki is in El Rocio, Spanje, gestorven en ze hebben hem daar moeten begraven, triestig.

Caldas de Monchique

www.valedacarrasqueira.com


Donderdag 14 juni :

We vertrekken met spijt in ons hart. We nemen afscheid van Michel, Nancy en Fieke uit Hasselt en rijden naar Portimao om boodschappen te doen en om ons MoHoke te wassen, het is dringend nodig.
Na de middag bollen we verder tot Quarteira. Hier vinden we 2 overnachtingsmogelijkheden.

  1. Bij het centrum en de vismarkt
  2. Achter de Orbiturcamping met zicht op zee. We kiezen voor de 2de en overnachten er met 2 fransen, 1 brit en 1 litouwer.

Vrijdag 15 juni :

We verzetten ons ’s morgens naar de andere plaats, dicht bij het centrum en doen een lange wandeling langs de viskraampjes en de dijk. Een mooi aangelegde dijk met palmboompjes, maar niets dan appartementen en hotels.
In de late namiddag rijden we naar Loulé. Morgen is het daar markt en ook deze wordt in elke toeristische gids aangeprezen. Dus, willen we ze zien !
We vinden een plaats dicht bij het plein achter een kleine moorse poussada, rustig en goed gelegen.


Zaterdag 16 juni :

Het grote plein achter de omheining staat vol. Deze markt is bijna zo groot als die van Barcelos. In de late namiddag rijden we tot Olhao. Volgens de campergids 2007 is er hier aan de vismarkt een gratis gelegenheid tot overnachten met watervoorziening en gelegenheid om vuil water te lozen. Niets is minder waar. De parkeerplaatsen aan de vismarkt zijn betalend en geen watervoorziening. We zetten ons op de dijk waar P plaatsen zijn, maar niet voor MoHo’s, en wachten af.  Op het strand zijn ze vuurwerk aan het klaarzetten, dus blijkbaar valt er hier vanavond nog wat te beleven. Inderdaad, tegen 10 uur loopt de dijk vol volk en  verderop in het centrum van het stadje, tegen het strand aan, start er een live –concert van een of andere band, en om 12 uur volgt als apotheose het vuurwerk. We zitten op de eerste rij. De politie loopt er rond voor de veiligheid en laat ons gerust.

Zondag 17 juni :

We vertrekken met mist en rijden na enige tijd  Spanje binnen. Regen !!!
Via Huelva rijden we tot El Rocio en zetten ons op camping La Aldea, mooie grote plaatsen en rustig. In de late namiddag klaart het een beetje op en nemen we een kijkje in het dorpje El Rocio. Het bestaat volledig uit zandstraten en lijkt zo ontsnapt uit een of andere Mexicaanse western. Een echt Zorro-dorp, met voor de mooie verzorgde huisjes een houten balkstel om de paarden te parkeren. Het is prachtig gelegen aan het national park Donana, waar de grootste Europese kolonie lynxen leeft.

Maandag 18 juni :

Van El Rocio rijden we via Sevilla, Cadiz, Chiclana de la Frontera tot in Conil de la Frontera waar we een rustig plekje vinden aan het strand, waar nog 4 andere MoHo’s staan. In de Algarve waren we verwend want daar vonden we elke dag een krant van het thuisland, van de dag zelf. Hier vissen we naast het net, geen krant !

Dinsdag 19 juni :

We rijden tot Tarifa, het surfersparadijs. Een aangenaam stadje met een mooi centrum, hier vinden we wel een krant, en zelfs die van maandag ook.
Tarifa, ook wel Punta Marroqui genoemd is het zuidelijkste puntje van Europa, met het Afrikaanse vasteland slechts op 14 km. Hier ontmoeten de Middellandse zee en de Atlantische oceaan elkaar.
We rijden verder via Algeciras,  over de grens naar Gibraltar en naar boven voor een mooi vergezicht op Afrika. In de late namiddag terug de files trotseren om Gibraltar te verlaten. De douanes van dienst vinden er ons blijkbaar verdacht uitzien, want we moeten opzij gaan staan en ze nemen een kijkje in de garage, komen binnen in de MoHo kijken en vragen of we verboden produkten bij hebben.
Dan mogen we verder en we rijden via Estepona, Marbella en Fuengirola tot in Benalmadena. Een vriendelijke parkwachter wijst ons een mooi plekje aan in de jachthaven om te overnachten, zeer rustig volgens hem. Prijs : 1 €. Wij, heel content en gaan het plaatsje verkennen.

Zeer gezellig, met binnenkanalen en prachtige moorse gebouwtjes. Doet een beetje denken aan Port Grimaud in Frankrijk. We zoeken een plaatje op een terrasje  om een hapje te eten en genieten van het “mensen kijken” en het late zonnetje. Rond 22 uur komen we terug bij de MoHo en de parkwachter zegt ons dat de politie kwam  en dat de MoHo te groot is om daar te blijven staan. Hij verontschuldigt zich duizend keer en zegt dat er een stuk verderop een rustig strand is om te blijven staan.

Wij dus weg; We rijden door Torremolinos en op het eind tegen Malaga aan is er inderdaad een strandje waar verschillende MoHo’s staan. We besluiten er te overnachten.

Woensdag 19 juni :

We rijden verder en in Torre de Mar doen we inkopen, echter geen krant. Maar verderop in Nerja hebben we meer geluk. We rijden tot Motril, stoppen op een strandparking en gaan eens kijken of Fabiola thuis is. Onze teller staat op 5000 km. Er is heel veel wind, het lijkt wel een zandstorm, en we besluiten verder te rijden tot Granada en zetten ons op camping Reine Isabel, een kleine camping met heel kleine plaatsen. We willen morgen Granada verkennen, dat zal dan onze laatste city-trip zijn, voor we huiswaarts keren.
Granada is gebouwd op 3 heuvels, de Alhambra, de Albaicin en de Sacromonte, gedomineerd door de prachtige sneeuwtoppen van de Sierra Nevada. In 711 werd de stad veroverd door de Moren,  en op de Alhambra werd een vesting gebouwd. Tijdens de Reconquista was dit het laatste Moorse bolwerk tot januari 1492. Toen werd kalief Emir Abdallah Mohammed XI afgezet en daarmee kwam een einde aan de Moorse overheersing van Spanje.

Donderdag 20 juni :

We vertrekken met de bus, 1€ naar Granada en van daaruit met een busje naar het Alhambra. Er staat reeds een file voor tickets, doordat we gisteren zo laat aankwamen in de camping was het niet meer mogelijk om vooraf tickets te reserveren. Het valt nog mee, na een klein half uurtje gaan we binnen via de Puerta de las Granadas ( granaatappelpoort), gebouwd door de Habsburgse Keizer Karel V. Na een korte wandeling kom je aan de Puerta de la Justicia ( poort van de gerechtigheid) Langs de westkant staat het Alcazaba, uit de 9de eeuw, waarvan alleen de buitenmuren nog overeind staan. Aan de oostzijde staat het Palacio de Carlos V ( paleis van Karel V) Het werd in 1526 gebouwd maar is nooit voltooid. Het is klassieke renaissancestijl, een scherp contrast dus met de karakteristieke architectuur van het Alhambra.
Er zijn ook 2 musea. Aan de noordzijde ligt het meesterwerk zelf, het Alcazar, of  Casa Real (koninklijk paleis).  Het werd gebouwd in de 14de eeuw en is een opmerkelijke architectonische prestatie. Je komt binnen via de Patio del Mexuar ( eerst een raadkamer en later een kapel), die leidt naar de prachtige Patio de los Arrayanes (Mirrebomenhof). Ernaast ligt de Sala de los Ambajadores (Ambassadeurszaal) Deze werd gebruikt als troonzaal voor de Moorse koningen met prachtige versieringen en plafond. De Mozarabes-galerij voert naar de Patio de los Leonos ( de leeuwenhof) het oude hart van de harem. Spijtig is de fontein nu in een glazen kot gezet en zijn de leeuwen verdwenen voor restauratie.
Ook indrukwekkend is de Sala de las dos Hermanas met een fraai gedecoreerd honingraatgewelf. Deze zaal leidt naar de Mirador de Daraxa met schattige balkonnetjes, die uitgeven op de Patio de Daraxa, een mooi binnenhof met cipressen en sinaasappelbomen.
Het is werelderfgoed van Unesco en ze hopen dat het geregistreerd wordt als wereldwonder en moedigen iedereen aan om te sms-en en te mailen. Intussen weten we dat dit niet gelukt is. In Europa werd enkel het Colisseum in Rome weerhouden.
We lopen te voet de berg af. Een mooie wandeling langs de prachtig aangelegde tuinen en na een laatste zeer steil pad, belanden we in  het Albaicin, de oude Moorse wijk, die het verleden doet herleven. Smalle kleine straatjes met allerlei winkeltjes, het lijkt wel een bazar in Turkije. Achter het Albaicin ligt de heuvel Sacromonte, waar de zigeuners in grotten wonen en hun flamencoshows opvoeren.
Tegen de avond keren we terug naar de camping.

Vrijdag 21 juni :

Het is de bedoeling om vandaag zo veel mogelijk te rijden om terug in Frankrijk te zijn. We willen nog 2 dagen in de Dordognestreek blijven. We vertrekken om 9.30 uur en als we ’s avonds stoppen om 22.30 uur, zijn we juist over de grens in Behobie waar we op een parking staan met 6 andere MoHo’s, naast restaurant Enrique.  We hebben vandaag 907 km afgelegd.


Zaterdag 22 juni :

Als we opstonden waren er nog heel wat MoHo’s bijgekomen. We vertrekken naar Mont-de–Marsan, om wat inkopen te doen en daarna willen we naar Souillac , waar we tegen de avond  op de camperplaats aankomen. Er staan reeds vele MoHo’s maar er is nog plaats.


Zondag 23 juni :

We bezoeken Rocamadour, het mooie stadje tegen de rotsen geplakt en later de Goufre de Padirac. Deze kloof is wel sensationeel en 105 m diep. Je gaat er in via trappen en na een korte ondergrondse wandeling zet je de tocht verder in bootjes en na een tijdje, stap je uit en wandel je verder met een gids, een knap parcours door hoge zalen met stalagtieten en stalagmieten,  zeer indrukwekkend. Daarna neem je terug het bootje en na een korte wandeling kan je de lift naar boven nemen om zo weer aan de oppervlakte te komen.
We rijden verder en overnachten op de Aire de Braine-Ligoure  op de baan van Brive naar Chateauroux A20-E9.
Een geschikte plaats voor de doorreis met een aparte plaats voor MoHo’s of caravans,  gescheiden van de truckers, voorzien van wasplaats en WC’s . Kan als een volwaardige camperplaats gezien worden.

Maandag 24 juni :

We leggen vandaag 606 km af en stoppen aan het station in Avesnes waar achterin een goed overnachtingsplaats is.


Dinsdag 25 juni :

Het regent al van gisteren van in Limoges en we komen dus terug thuis zoals we vertrokken. Om 13 uur is de reis ten einde en hebben we 7300 km afgelegd.
Knappe prestatie van onze MoHo en van Fons die ons zonder kleerscheuren veilig terug thuis brachten.
Het was fijn, we zullen er nog lang van nagenieten !

Bronnen :

Toeristische gids van Spanje

Portugal ontdekken en beleven

Folders van de info-bureau's in Spanje en Portugal.




Top
Terug